VP en PV verschil

Bij een intelligentieonderzoek, een IQ test, worden er twee soorten intelligenties onderzocht. De verbale intelligentie en de performale intelligentie. Van beide intelligenties wordt een getal als uitkomst gegeven. Via een berekening wordt uit deze twee getallen je Totaal IQ berekend.

In onderstaand filmpje wordt uitgelegd wat de betekenis is van deze termen en wat de gevolgen kunnen zijn van een uitkomst met grote verschillen tussen de hoogte van beide intelligenties.

Hieronder vind je de tekst van het filmpje nogmaals, zodat je deze ook rustig kunt doorlezen als je dat wilt.

 

Bij een intelligentieonderzoek, een IQ test, worden er twee soorten intelligenties onderzocht. De verbale intelligentie en de performale intelligentie. Van beide intelligenties wordt een getal als uitkomst gegeven. Via een berekening wordt uit deze twee getallen je Totaal IQ berekend.

Ik ga je  uitleggen wat de betekenis is van deze termen en wat de gevolgen kunnen zijn van een uitkomst met grote verschillen tussen de hoogte van beide intelligenties.

We beginnen met het verbale IQ. Daarmee wordt bedoeld je intelligentie op het gebied van je taal, hoeveel woorden ken je en kun je woorden op de juiste manier gebruiken, kun je redeneren .

Sommen die via woorden worden aangeboden vallen ook onder het verbaal IQ

Met het performaal IQ wordt bekeken of je praktisch kunt omgaan met problemen, er wordt gekeken naar je motoriek, hoe beweeg je, hoe gebruik je je handen. Er wordt ook gekeken naar je ruimtelijk inzicht, kun je iets wat je ziet ook op papier namaken?

Soms is er een groot verschil tussen een verbaal IQ en een performaal IQ. Sommige wetenschappers noemen dit een kloof en dat klinkt best ernstig. Andere wetenschappers geven aan dat 25% van de mensen met een gemiddeld IQ zo’n 15 punten verschil heeft en wel 50% van de mensen met een IQ140 .  Deze wetenschappers zien het verschil niet als uitzonderlijk.

Meestal hebben mensen met een zgn kloof een hoger verbaal IQ  en een lager performaal IQ, dat heet een Vp kloof. Soms is dat andersom, dan heet het een Pv kloof.

Kinderen met een groot verschil kunnen last hebben van een laag zelfbeeld. Dat kan komen doordat je steeds opnieuw niet kunt uitvoeren wat je in je hoofd bedenkt. Dat voelt onmachtig en je kunt er onzeker van worden.

Het kan ook zijn dat je vergeetachtig bent. Soms denk je dan dat je iets gedaan hebt omdat je er aan dacht. Alleen ben je vergeten het ook echt te doen.

Sommige kinderen zijn bang om iets nieuws te doen omdat ze niet zeker weten of ze het wel kunnen.

Soms zijn kinderen ook niet meer in staat om in actie te komen. ze lijken de moed te hebben opgegeven. Als dat ernstig wordt heet dat apathisch zijn.

Door alle spanningen die dit oplevert kan het zijn dat je tics ontwikkelt. je krijgt een soort zenuwtrekje, of je gaat stotteren, je oog knippert steeds.

Het kan ook zijn dat je geen routine hebt in je dagelijkse handelingen, zoals het opruimen van je tas na schooltijd, de volgorde van dingen doen om naar bed te gaan enzovoort.

Na alle punten die ik nu genoemd heb, zal het je niet verbazen dat kinderen met een groot verschil, vaak chaotisch zijn

Kinderen die een hoger performaal IQ hebben worden vaak veel te kinderachtig aangesproken. Dat komt omdat iedereen om je heen reageert op wat je zegt. Dat is nou juist waar je dan minder goed in bent. Om dat een beetje te verstoppen heb je misschien de neiging om anderen na te praten, je kopieert een ander dan en waarschijnlijk ben je een goede imitator!

Het lijkt nu alsof het vreselijk lastig is om zo’n verschil te hebben tussen je verbale en performale IQ. Dat kan het ook zijn en daarom geef ik je de volgende tips:

  • Maak gebruik van pictogrammen, oftewel plaatjes waar een getekende opdracht op staat.  doordat je de opdracht ziet als plaatje reageren je hersenen anders en kun je makkelijker je ding doen.
  • Geef jezelf structuur door bijvoorbeeld gebruik te maken van een planbord of agenda. Soms is dat te lastig en kun je hulp vragen aan iemand om bepaalde dingen steeds op dezelfde volgorde of tijd  te doen, zodat jij dat ook op die manier gaat aanleren.
  • Probeer om dat wat je wilt doen of moet doen in woorden te zetten. Herhaal bijvoorbeeld hardop de opdracht die je krijgt.
  • Probeer een beeld te maken bij dingen die je hoort en wilt onthouden. Als je gaat eten, maak je een plaatje in je hoofd van die lekkere burger die zo goed ruikt en waar je zo’n zin in hebt. Het beste is als je er ook nog blijde gevoelens bij kan zetten zodat je nog meer vorm kunt geven aan je gedachte.
  • Vergeet nooit dat je jezelf heel goed kunt helpen en dat er altijd mogelijkheden zijn om beter met je verschillende intelligenties om te gaan. Je verdient het om trots te zijn op jezelf en om een gelukkig hoogbegaafd kind te zijn!

Kijk verder op: